Een enkeltje Holland (deel 3)

‘Andre, de situatie hier is niet meer te vertrouwen. We gaan naar Holland. Jij en Maurice gaan eerst. Jullie vertrekken volgende maand.’ Tante Marie zei het zonder een spier te verrekken. Ze keek streng en overhandigde André twee passagebiljetten. Daarna draaide ze zich om en liep het huis uit. Stomverbaasd volgde André zijn tante door het raam. Ze ging aan tafel zitten op de veranda en boog zich geconcentreerd over een stapel brieven. 
          Vertwijfeld keek hij naar de papieren in zijn hand. SIBAJAK stond er op. Een enkele passage van Tandjong Priok naar Rotterdam. Wat moest hij hier nou weer van vinden? Natuurlijk had hij gehoord dat de banden tussen Indonesië en Nederland op gespannen voet stonden en dat Soekarno de nationalisatie van Nederlandse bedrijven had aangekondigd. Maar wat moest hij in Holland? Hij woonde al zeven jaar in Jakarta en dat was zijn nieuwe thuis geworden.
          Hij beet op z’n lip. Hij was nu bijna 21 jaar en het gebeurde voor de tweede keer in zijn leven dat iemand hem zonder enig overleg op een boot zette. In 1951 was het zijn oma geweest die hem en Maurice van Sibolga naar Jakarta stuurde. Ze had drie jaar lang met veel liefde voor de twee kinderen van haar overleden zoon gezorgd, maar op een dag werd ze te oud en kon de zorg niet meer aan. ‘Jullie kunnen naar Tante Marie in Batavia,’ had ze gezegd en ook toen had André met zijn mond vol tanden gestaan. Hij kende Tante Marie niet. Het enige wat hij wist was dat ze een halfzus van zijn vader was; de oudste stiefdochter van oma.
          Een paar weken na oma’s mededeling waren Maurice en hij na een boottocht van enkele dagen, van Sibolga via Medan en Singapore, in Jakarta aangekomen. Daar had Tante Marie hen opgehaald en hen welkom geheten in haar gezin. Ze zorgde daarmee dat de jongens voor het eerst in tien jaar weer deel uitmaakten van een echte familie; met Tante Marie als strenge moeder, Oom Miel als een lieve vader en hun zoon Jan als stoere broer. Maar waarom stuurde ze de twee jongens dan nu – zeven jaar later – zonder hen voorruit naar Holland? André wist niet eens óf hij überhaupt wel naar Holland wilde, maar nu zijn tante dat voor hem had bepaald ging hij liever met z’n allen tegelijk dan alleen met Maurice.
          Hij liep naar buiten. ‘Tante Marie,’ vroeg hij voorzichtig. ‘Waarom gaan we niet gewoon samen?’ Marie keek geïrriteerd op. ‘Omdat dat niet kan met Miels werk,’ zei ze streng. ‘En de passage was duur zat, je moet blij zijn dat ik nog plekken voor jullie heb weten te bemachtigen. De boten zitten propvol.’ Ze was even stil. ‘Wij komen een paar maanden later. Oom Boet haalt jullie op in Rotterdam. Breng jij Maurice op de hoogte? Hij is vast aan het werk bij de garage.’
          André wilde nog iets zeggen, maar wist eigenlijk niet wat. Hij keek naar de papieren op tafel. Zijn tante was duidelijk druk met haar correspondentie en de administratie. Hij stapte de veranda af en liep slenterend de straat op. Nooit had hij eraan gedacht dat zijn toekomst in Holland zou liggen. Met de passagebiljetten in zijn hand liep hij naar Maurice. Hij was benieuwd hoe zijn jongere broer zou reageren.

>> Verder lezen? Klik dan hier. 
>> Voor foto's, scroll naar beneden

 Maurice (links) en André (rechts) met oma en de hulp van oma Kama - Sibolga omstreeks 1948

Maurice (links) en André (rechts) met oma en de hulp van oma Kama - Sibolga omstreeks 1948

 De familie in Jakarta, 1951. Van links naar rechts: Andre, oom Miel. tante Marie, Jan en Maurice

De familie in Jakarta, 1951. Van links naar rechts: Andre, oom Miel. tante Marie, Jan en Maurice

--- 

Dit is het derde deel van een reeks die ik schrijf over het bewogen leven van mijn lieve oom André, de neef van mijn oma die ik twee jaar geleden voor het eerst heb ontmoet. Het was toevallig, want die ontmoeting kwam door een familiereünie die samen viel met het begin van mijn eigen onderzoek; een organisatie waaruit blijkt dat er bij meerdere stamboomleden de behoefte wordt gevoeld om elkaar en onszelf beter te leren kennen. Sindsdien kom ik regelmatig bij mijn oom over de vloer. Ik ben gefascineerd door zijn levenslust en herken mijn oma in zijn positieve energie. Hij vertelt me verhalen die je zelf niet kan verzinnen, maar die toch écht zijn gebeurd. Verhalen waarvan zoveel mensen niet weten dat ze onderdeel zijn van de Nederlandse geschiedenis. De komende tijd post ik verschillende scenes uit zijn leven op mijn blog. Ik hoop dat jullie de verhalen met aandacht zullen lezen, want dat is wat ze verdienen.